Kringen in het water 23

12 mei 2015

Het huis van Marco was al aardig vol. Het leek wel een hele commandopost, maar de bitter harde waarheid was dat de noodzaak groot was. Het was inmiddels drie uur geleden dat Koppens en Everts gekidnapt waren en ze hadden nog niks van de daders gehoord. “Willem en Ellis ik wil toch even een aantal vragen stellen aan jullie. Ik neem jullie dan wel even apart.” Een rechercheur van het regionale korps wilde nog een aanvullende verklaring opnemen. Misschien waren er nog dingen die ze zich konden herinneren. Eerst mocht Ellis “Ellis wie van jullie twee zat achter het stuur.” “Ik zat achter het stuur van de DPAU. Willem zat naast mij.” “Wanneer hadden jullie door dat jullie gevolgd werden.” “Al vrij snel eigenlijk, maar omdat ze een keer afsloegen dachten we eerst dat het loos alarm was. Binnen vijf minuten reden ze weer achter ons.” “Zijn ze de hele tijd achter jullie blijven rijden?” “Nee ze zijn er weer even afgegaan bij een tankstation.” Ellis dacht na en in gedachten liet ze de gebeurtenissen weer de revue passeren. “Verdomme! Daar is die Mercedes erbij gekomen. Daar hebben ze hun maten erbij gehaald.” De rechercheur knikte “Moment Ellis.”

De rechercheur ging naar de kamer ernaast. Gaf deze nieuwe informatie door aan Mike en Eva. Die gingen meteen aan de slag daarmee. Beelden opvragen van de parkeerplaats van het bewuste tankstation. Misschien kwamen ze zo achter meer informatie. De rechercheur ging door met vragen stellen aan Ellis. “Hadden die lui door dat jij in de andere auto zat?” “Nee daardoor konden we de achterste verassen. Maar ze waren ondanks dat een buffer voor de voorste. Dat zijn overigens 100% zeker de twee op de tekening. Ze reden in een Volkswagen Jetta met kenteken 23-BJ-KL.” “Een hebben jullie verwond, kun je ook aanwijzen welke dat is.” Ellis keek naar de tekeningen en wees meteen de rechtse aan. “Ik vermoed dat dat ook de leider is.” De rechercheur noteerde alles wat ze zei. Toen bedankte hij haar. Daarna mocht Willem. “Hoi Willem. Ik wil kijken of jij je nog wat meer kunt herinneren. Misschien heb je dingen anders gezien of heb je meer gezien. Soms kan het zijn dat je je iets herinnerd waarvan je denkt dat het niks is, maar blijkt erg belangrijk te zijn.” Willem had het begrepen.

“Willem als ik het goed heb begrepen zat jij op de bijrijders stoel.” “Klopt.” Zei Willem. “Ik had mijn zonneklep naar beneden zodat ik ook achter ons in de gaten kon houden.” “Ze zijn afgeslagen bij de afrit Willem. Was dat achter of voor jullie?” “Dat was voor Koppens en Everts. Ze hebben eerst ons en daarna Koppens en Everts ingehaald, die reden voorop.” “Viel je toen iets op?” “Ze hebben in ieder geval niet in de gaten gehad dat wij erbij hoorde. Ze gebruikte onze auto als de, hoe moet ik dat zeggen? De één er tussen auto? Begrijp je dan wat ik bedoel?” “Ik begrijp wat je bedoeld. Vanaf wanneer viel jou de Mercedes op?” “Die is er pas vanaf het tankstation bijgekomen. Maar het viel me pas echt op toen ze ook dezelfde afslag pakten. De Jetta gaf een spuit gas en de Mercedes haalde ons in.”

Willem haalde even adem en vertelde verder. “De overste uhhh Ellis reageerde zo snel, daardoor konden we die van de Mercedes meteen uitschakelen. Volgens mij heb ik ook deze geraakt.” En Willem wees één van de twee mannen op de tekening aan die door Ellis als mogelijke leider was aangewezen. “Heb je ook gezien waar je hem raakte?” “Ik richtte op zijn hart maar hij draaide iets, dus ik ben er zeker van dat ik zijn hart niet geraakt heb maar wel ergens in zijn schouder. Hij was overigens links, want hij hield zijn wapen met links vast.” De rechercheur stond versteld van de details die Willem toch nog wist te geven. Het zou ze zeker kunnen helpen met lokaliseren. Hij ging naar Mike met de informatie en hoopte dat Mike al iets meer wist.

Even verderop waren Koppens en Everts vastgebonden in een schuur. De tyraps die hun handen en voeten bij elkaar hielden sneden in hun polsen en enkels. Babs Koppens wrong zich om alle mogelijk posities om bij haar beenzak te komen. Gefrustreerd zei ze tegen Jan. “Kun jij bij mijn beenzak?” Jan keek en draaide zich meteen om. “Als je me maar niet van ongewenst gedrag gaat betichten.” “Als je niet opschiet doe ik dat juist wel.” Mompelde Babs. “wat zoek ik eigenlijk in je zak.” Maar toen voelde hij het al. “Ik hou van vrouwen die altijd hun Swiss Army knife bij hebben.” Hij pakte het uit haar zak en moeizaam vouwde hij het open in zijn handen. Over zijn schouder kijkend knipte hij de tyraps door van Babs. Die liet meteen een zucht van verlichting horen. Babs pakte het mes over en maakte vervolgens Jan los. In de schuur lag voldoende gereedschap waarmee ze die twee uit konden schakelen. Als ze maar niet gesnapt werden. “Wat zit er onder die doek?” Zei Babs.

Jan deed het laken opzij. “Ooo wat een beauty!” Riep hij uit. De auto was een replica van de auto van de Dukes of Hazzard. “The General. Zo heette die auto toch.” Jan schudde zijn hoofd “The General Lee. Zal ik eens kijken of ik die aan de praat krijg?” “Klinkt als muziek in de oren.” Jan had de auto gemakkelijk van het slot en verdween onder het stuurkolom. “Ga zitten.” Zei hij tegen Babs. En vlug deed Babs wat haar gevraagd werd. Jan startte de auto en ging goed zitten. Hij gaf een spuit gas en daar gingen ze. Dwars door de houten deur van de schuur heen. “Ben blij dat die niet van staal is.” Merkte Jan luchtig op. Maar ondertussen raasde de adrenaline door hun lichaam heen. Achter zich ging de deur van de woning open. En er werd op hun geschoten, maar ze waren gelukkig al te ver weg. “Wat een mazzel dat ze met fouilleren het mes gemist hebben.” “Je bent geweldig!” “Daar ligt de snelweg. Hier in.” Babs had het goed gezien en al snel zaten ze op de snelweg richting Merendal.

Gezien het gewelddadige karakter van de kidnappers van Koppens en Everts, had Ellis er weinig vertrouwen in dat ze haar collega’s levend zou terugvinden. Ze liep in een van de kamers al nagel bijtend op en neer. Dit kon ze niet. Werkeloos toezien of zelfs niks zien. Er moest iets gedaan worden. ‘Wat is dat voor irritant geluid.’ Ze opende de deur van de kamer waar ze zich even teruggetrokken had. Uit de kamer die als commandokamer was ingericht kwamen blije geluiden vandaan. Snel deed ze de deur open om te zien wat zich daar afspeelde. Nog een keer dat irritante geluid. Marco trok haar mee naar beneden. “Ze zijn er.” “Wie?” “Koppens en Everts. Ze zijn er.” Ellis was helemaal stom verbaasd. Marco deed de voordeur open en daar kwamen ze aan. “Wat? Hoe?”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *