Het is niet jouw schuld

23 juli 2015

Anja was pas 7 jaar oud. Samen met haar broertje Chiel, 5 jaar, speelt ze altijd in de speeltuin voor haar huis. Normaal zit haar moeder altijd naar hun te kijken op het bankje in de speeltuin. Vaak aan het kletsen met een van de andere moeders van wie hun kindje aan het spelen is. Maar vandaag niet, vandaag moest mama nog één belangrijk telefoontje plegen. Even maar en dan zou mama terug zijn. Anja en Chiel speelde in de zandbak en keken niet eens op toen Karin het zei. Ze waren te druk met spelen dat ze hun moeder niet eens mistte. Lieve zou even een oogje in het zeil houden. En toch gebeurde het.

Toen Lieve even was afgeleid door haar eigen kroost was ineens Anja weg. “Chiel, heb jij Anja gezien?” vroeg Lieve aan Chiel. Chiel haalt zijn schoudertjes op en schud nee. Snel gaat Lieve naar de overkant waar Anja al weer naar buiten komt. “Is Anja bij jou binnen?” vraagt Lieve aan Karin. “Nee,” antwoord Karin en meteen schieten beide in de stress. Waar kan Anja in zo’n kort moment zijn gebleven. “Lieve blijf jij hier, dan ga ik zoeken.” Lieve voelt zich schuldig en bezorgd tegelijkertijd. “Ze zal zo wel terugkomen,”prevelt ze.

Karin pakt snel haar fiets die toevallig voor de deur staat en struint de straten af op zoek naar haar dochter. Maar naar mate de tijd verstrijkt maakt ze zich meer en meer zorgen. Anja is niet een wegloper. Tegen Anja hoef je eigenlijk niet eens te zeggen dat ze even moet wachten, of eerst iets moet vragen. Anja is een meest voorbeeldig kind. Echt een meisje uit een boek. Zo perfect. Lieve zei eens; “Als alle kinderen zo waren als jou Anja, waren er heel wat moeders minder met hun handen in het haar, omdat hun kroost zo moeilijk is en niet luistert.” Nog steeds zag Karin Anja niet. Ze was al een kwartier aan het fietsen en had de hele wijk uitgekamd.

Karin werd onrustiger en onrustiger. “Was ik maar niet even gaan bellen,”Karin voelde zich schuldig. Enorm schuldig, maar bovenal had ze een steen in haar maag. Alle mogelijke scenario’s kwamen naar voren. Wat kon er gebeurd zijn met Anja. Weer bij haar huis aangekomen keek ze naar Lieve. Beide schudde ze tegelijk nee. Tranen biggelde over de wangen van Karin. Ze pakte haar telefoon en belde de politie. Die zouden meteen komen, want als een kind al een kwartier weg is en niet bekend staat als ondernemend dan was dat nog meer als anders een indicatie om direct te komen. Daarna belde Karin haar man. Ook hij komt meteen naar huis.

Als de politie aankomt, is Anja een half uur weg. Karin en Lieve vertellen hun verhaal. Anja voelt zich een slechte moeder en Lieve zich een slechte buurvrouw. Chiel die zich achter Karin verschuilt vind het spannend dat de politie er is. Maar ook hij heeft niet gezien waar Anja heen ging. Hij dacht met een meneer mee, die aan de overkant van de straat stond. De politie doet er een Amber alert uit, met een beschrijving van Anja, een foto en wat voor kleren ze aan heeft. Gelukkig heeft Karin een recente foto.

Toen Chiel zei; “Met de meneer die aan de overkant van de straat stond is Anja mee,” kregen Anja en haar man een hartverzakking. Erwin die dacht dat ze in een veilige buurt waren gaan wonen, voelde zich enorm schuldig, naast de angst en bezorgdheid om Anja. Chiel weet niet wie die man was, maar hij had hem vaker gezien. “Hij heeft wel eens een hondje bij die we mogen aaien. Maar als de mama’s er zijn gaat hij altijd weg.” Nee, Chiel voelt zich niet schuldig. Hoe kan het ook voor een knulletje van net 5. Die kan nog niet bevatten wat er is gebeurd.

Ineens gaat de bel. Er staat iemand voor de deur, met Anja aan haar hand. Een mevrouw die haar bij het bospad een kilometer verderop vond. “Het meisje was aan het huilen om haar moeder. Ze bloed, maar wil me niet laten zien waar.” Een van de agenten stelt vragen aan de vrouw. De andere zegt tegen Karin en Anja dat ze naar het ziekenhuis gaan. “Zou ze?” vraagt Karin. Het is eigenlijk een retorische vraag. Het antwoord is wel duidelijk. Snel gaan ze in de auto naar het ziekenhuis. Daar wordt een onderzoek gedaan en worden bewijzen verzameld. Ook slachtofferhulp wordt onmiddellijk ingeschakeld.

Iedereen voelt zich schuldig. Anja omdat ze met een vreemde is meegegaan. Erwin omdat hij dacht dat de buurt veilig was. Lieve omdat ze een oogje in het zeil zou houden en dat Anja aan haar aandacht ontsnapt is. Karin omdat ze een rot telefoontje moest plegen en er niet was om op haar kinderen te passen. Gelukkig worden ze goed begeleid in het ziekenhuis, door de politie en door slachtoffer hulp.

Even wat cijfers:

Bron Project Speak Now: Seksueel misbruik; de cijfers liegen er niet om. Zo wordt één op de zes jongens en één op de vier meisjes voor hun achttiende levensjaar seksueel misbruikt. En deze cijfers zijn nog maar het topje van de ijsberg. Van de meeste gevallen van seksueel misbruik, aanranding en verkrachting wordt namelijk geen aangifte gedaan.

Enkele cijfers en feiten over de aard en omvang van seksueel misbruik en huiselijk geweld in Nederland:

  • Eén op de vier meisjes en één op de zes jongens krijgt voor het achttiende levensjaar te maken met incest of seksuele intimidatie

  • 95% tot 98% van de incestdaders is van het mannelijk geslacht

  • Ooms en broers zijn in de meeste gevallen de dader, daarna worden stiefvaders en vaders het vaakst als dader genoemd

  • 45% van de Nederlanders is met huiselijk geweld in aanraking geweest

  • er zijn 500.000 geweldsincidenten per jaar

  • er zijn 150 doden per jaar, waaronder 50 kinderen

  • het duurt gemiddeld 5 jaar en 30 incidenten voordat iemand hulp zoekt

  • bij seksueel huiselijk geweld is 43% van de slachtoffers jonger dan 18 jaar

  • bij 57% van de incidenten zijn kinderen betrokken, een kwart zelf mishandeld, driekwart is getuige

  • per jaar 119.000 kinderen slachtoffer

  • De meeste trauma’s worden opgelopen door incest gepleegd door vaders en stiefvaders.

  • Vaders en stiefvaders gaan het verst in hun seksuele handelingen en gebruiken meer fysiek overwicht.

  • Veel daders zijn zelf in hun jeugd seksueel misbruikt.

  • Door grote afhankelijkheid binnen het gezin blijft incest vaak een familiegeheim.

  • Voor de buitenwereld lijken incestgezinnen veelal een modelgezin.

  • Een seksueel misbruikt kind kan geen gevoel voor eigenwaarde ontwikkelen.

  • Veel slachtoffers missen bescherming van hun moeder.

  • De verjaringstermijn voor het doen van aangifte varieert van zes tot twintig jaar.

  • Komt het tot een veroordeling, dan krijgt de dader gemiddeld 583 dagen gevangenisstraf.

 

Namen en het verhaal zijn door mij verzonnen. Echter dat betekend niet dat dit verhaal niet gebeurd kan zijn. Waarom dit afschuwelijke verhaal. Zoals je kunt lezen zijn er heel veel slachtoffers elk jaar te betreuren. Een slachtoffer voelt zich vaak schuldig of schaamt zich. Ten onrechte natuurlijk, immers zij kunnen er niks aan doen. Behalve de dader heeft er niemand schuld. Actie tegen de dader(s) kan pas worden ondernomen op het moment dat er aangifte gedaan is en bewijs verzameld. Eerder kan er niet eens met een zoektocht gestart worden als het een onbekende dader betreft. Een bekende zal pas stoppen als hij gestopt wordt. Dat geldt overigens ook voor een onbekende dader. Vaak blijft het ook niet bij één enkel slachtoffer.

Ik probeer mijn kinderen te leren, dat ze me alles kunnen vertellen en waar iemand wel en niet aan mag zitten. Waar zij bij een ander wel of niet aan mag zitten. En dat Nee ook echt Nee is. Ik kan alleen maar hopen dat hen niks zal overkomen, maar mocht het ooit gebeuren, dat ze goede hulp krijgen en weten dat papa en mama ze zullen helpen en steunen.

Mocht je meer willen weten kun je kijken op www.projectspeaknow.nl/ En zeker als je zelf een negatieve ervaring met seks hebt of ooit misbruikt bent, is deze site een goede eerste stap op weg naar verwerking.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *