Een glimlach met holle ogen

4 november 2015

Mevrouw Poort trekt haar jas aan. Ze wil een ommetje gaan maken. Even wandelen voor haar man en kinderen thuis komen. Het is pas half 2 en heeft net gegeten. Ze kijkt naar buiten en het is stralend weer. Ze pakt haar tas en steekt de sleutel in het slot van de voordeur. Jan, haar man zei altijd: “Ge kunt geen mees vertrouwen Marie, alleen oe zelf.” Die woorden klonken in haar hoofd door en met een lach loopt ze weg. Buiten fluiten de vogels en als snel is ze bij het park. Ze pakt uit haar tas wat broodresten die ze verzameld heeft. Iets wat ze al jaren doet is op dat ene bankje zitten in het park. Ze kijkt om zich heen, strooit de broodkruimels rond en gaat zitten op het bankje. Ze is moe en sluit even haar ogen.

Als ze even later wakker schrikt van spelende kinderen kijkt ze op haar horloge. “Jeetje het is al weer half 3. Over een half uur zijn de kinderen vrij van school. Ik moet maken dat ik thuis kom.” Ze pakt haar tas en kijkt rond. Dan begint ze te lopen naar de uitgang van het park. Ze kent deze weg op haar duimpje. Bij het huis aangekomen steekt ze de sleutel in het slot. Wat raar, hij gaat niet open. Hoe kan dat nou? Ze kijkt naar haar sleutelbos en herkent de sleutels niet. Verward gaat ze zitten en prompt gaat de deur open. “Mama! Kom binnen.” zegt haar dochter vriendelijk. “Kom dan schenk ik een kopje koffie in.”

Tranen verschijnen in haar ogen. “Ik ben thuis, maar ik denk ook weer niet.” “Nee mam, je woont hier niet meer. Jij woont nu vlak bij in de Rozengaard.” Haar dochter, Lieke, zet haar aan de keukentafel en zet een kopje koffie voor haar moeder neer. “Ik weet het niet meer schat. ik weet het niet meer.” “Mam, dat geeft toch niet. Het is niet erg. Het hoort er allemaal bij.” Samen drinken ze hun koffie en haar moeder is weer rustiger geworden. De paniek en verwarring lijkt weg. Haar moeder heeft een glimlach op haar gezicht, maar haar ogen zijn hol. Alsof ze dwars door je heen kijkt. Ze is er, maar toch weer niet.

“Zal ik je weer terugbrengen mam?” vraagt Lieke aan haar moeder. “Ja dat is goed meisje. Ik moet op tijd thuis zijn voor ons pap. Hij eet graag vroeg, dan heeft ie nog wat aan zijn avond. Ik moet de aardappelen nog opzetten ook.” Lieke weet dat het geen zin heeft om te zeggen dat haar vader al zeker 10 jaar dood is. Haar moeder is dat toch weer vergeten als ze terug zijn. Gelukkig heeft haar moeder nog wel eens heldere momenten, maar die worden steeds zeldzamer. Alsof haar moeder er fysiek nog is maar haar geest weg is.

20151104_131057

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *