Duke van Stichting Poor Animal 1.

20160526_115148

Angel is dood. Ons laatste maatje is van ons heen gegaan. Ik wil een nieuw maatje. Ik kan niet zonder een hond. Lex, mijn man, wil het over de vakantie tillen, maar ik niet. Ook Lex is een hondenmens. Binnenkort komen er twee Ieren logeren hier. Daarna hebben we plaats voor een nieuwe hond. Ik kan het niet nalaten om te gaan zoeken. En dan loop ik tegen een Cao da serra da Estrela aan die in Prinsenbeek zit bij Stichting Poor Animal. Ik zoek de eigenschappen van die hond erbij en het is precies wat wij zoeken in een maatje. Waakzaam, gezinsgericht en ook alles wat om het gezin heen hangt. Wat een mooie honden! We zijn verkocht.

Ik ga kijken op internet of ik meer kan vinden over de Stichting. Eigenlijk net zoveel positieve als negatieve referenties. Als ik kijk naar de negatieve, dan is het veel van mensen die lijken te klagen om te klagen. Een paar dingen vind ik wel serieus, maar dat wil ik graag zelf zien. Ik bel op naar de Stichting en hoor dat die hond al weg is, maar ze hebben nog wel een zelfde hond zitten. Die wil ik best komen bekijken. Ik maak een afspraak voor donderdag.

20160526_114801

Als ik aankom, word ik verwelkomt door Carla. Zij laat me Duke zien en verteld alles over hem. Hij is eigenlijk van Jannie en Martin, de eigenaren van de Stichting. Ik ben meteen verkocht. Wat een schat van een hond. Beetje dominant en super speels, maar zachtaardig. Ik maak wat foto’s en dan na een paar minuten laat Carla me de rest van de Stichting zien. Het oogt ruimer, ziet er schoner uit en ruikt beter als menig kennel. Als we één van de honden zien plassen tegen een mand, wordt er meteen schoon gemaakt. De dieren leven in een roedeltje, met een enkeling apart die of niet samen kan met andere, of aan het herstellen is. Ik krijg wat foto’s te zien van een paar van de viervoeters. Foto’s van toen ze gevonden werden en voor ze geopereerd waren. Sommige zijn wat angstig, maar over het algemeen zijn ze nieuwsgierig. Manden met honden dekens, speeltjes en genoeg ruimte buiten en binnen. Ik denk aan een paar van die klachten en kan die meteen wegstrepen. Nee wat ik gezien heb en wat ik gelezen heb is echt iets anders.

De eigenaresse komt binnen en ze is even stug. Als ze hoort dat ik kleine kinderen heb, waarschuwt ze me met Duke. Hij is onstuimig. Als ik hem echt wil, moet ik met mijn kinderen komen en pas dan besluiten. Na even met elkaar praten, komt ze los. Ze begint te vertellen over de honden en over opvoeden van honden. Waar ze vandaan komen en nog veel meer. Eigenlijk is ze wel aardig. Je moet er even mee praten. Zo ben ik ook, geworden nadat ik een paar keer mijn neus heb gestoten door bedrogen te zijn. Met een goed gevoel neem ik afscheid van Jannie en Carla en ga naar huis. Als ik die avond bel naar de Stichting, om door te geven dat ik de volgende dag met mijn kinderen kom, krijg ik Martin aan de lijn. Als die hoort dat ik met mijn kinderen kom voor Duke begint die op te sommen waarom ik daar niet aan moet beginnen.

“Martin ik krijg tamelijk de indruk dat je Duke niet kwijt wil,” zeg ik. “Nee, dat is het niet. Maar ik wil voorkomen dat je de hond na een paar weken of paar dagen komt terug brengen omdat hij de kinderen omgeduwd heeft, gegromd heeft of gebeten heeft om te spelen.” Ik leg Martin uit dat ik zijn bezorgdheid snap, maar dat ik mijn kinderen opvoed met het principe dat een hond een maatje is maar vooral een hond. Ze laten hem dus met rust. De afspraak staat voor morgen, maar ik heb het gevoel door een commissie te moeten voor een hond waar ik verliefd op ben. Ik baal daarvan en toch kan ik het begrijpen.

De volgende dag met de kinderen begrijp ik waarom al die waarschuwingen zijn. De meeste honden springen niet tegen jonge kinderen op. Duke doet dat wel. Hij zal dat echt goed moeten leren. Hij is ook naar de kinderen een beetje dominant. Ik ga een paar rondjes aan de riem lopen met Duke en de kinderen. Hij is nog steeds erg geïnteresseerd in de kinderen, maar loopt keurig mee. Met zacht, maar dwingende hand en positief belonen, krijg ik zowel de kinderen als de hond mijn kant op. Martin kom ik ergens tegen, hoewel ik geen idee heb, dat het Martin is. Als ik terug kom met Duke, hoor ik van Carla dat Martin mij vertrouwd met de hond. Ik ben een geschikt baasje. Wij zijn blij. Maar ik snap des te meer de voorzichtigheid die ze hadden. Ze hadden gelijk. Duke is niet voor iedereen geschikt.

Zaterdag 28 mei, ga ik de Ieren halen. Onze logeetjes. De honden voor mijn moeder. Zondag 29 mei, gaat Lex Duke ophalen. Het zal krap worden in huis, maar ik kijk er erg naar uit. Hoe dat verder verloopt kun je lezen in deel 2.

Een gedachte over “Duke van Stichting Poor Animal 1.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *